Wat is heupdysplasie?

Heupdysplasie, internationaal bekend als DDH (Developmental Dysplasia of the Hip), is een aandoening waarbij het heupgewricht zich bij een baby of jong kind niet goed ontwikkelt. De kom van het bekken is dan te ondiep, waardoor de heupkop er niet goed of helemaal niet stabiel in past.

Waarom is vroege opsporing zo belangrijk?

Wordt heupdysplasie niet op tijd ontdekt en behandeld, dan kan dit al op jongvolwassen leeftijd leiden tot pijn en vroegtijdige slijtage (artrose) van de heup. Hoe eerder de aandoening wordt vastgesteld, hoe eenvoudiger en effectiever de behandeling doorgaans is, vandaar dat tijdige herkenning zo'n groot verschil maakt.

De verschillende gradaties

Heupdysplasie is eigenlijk een spectrum van lichte tot ernstige afwijkingen, waarbinnen doorgaans drie gradaties worden onderscheiden:

  • Dysplasie de heupkom is onvoldoende ontwikkeld, maar de heupkop kan hier nog wel (redelijk) stabiel in liggen.
  • Subluxatie de heup ligt niet stevig in de kom en is instabiel.
  • Luxatie de heupkop ligt volledig buiten de kom.

Risicofactoren en screening

Heupdysplasie komt aanzienlijk vaker voor bij meisjes, bij kinderen die in stuitligging zijn geboren, bij een eerste kindje, en wanneer er heupdysplasie in de familie voorkomt. Ook de manier van inbakeren speelt een rol: strak inbakeren met de beentjes gestrekt vergroot het risico, terwijl "heup-vriendelijk" inbakeren, waarbij de beentjes ruimte houden om te buigen en te spreiden, dit risico juist verkleint.

Om deze reden worden baby's standaard lichamelijk onderzocht op heupinstabiliteit, en krijgen kinderen met een verhoogd risico rond de leeftijd van zes weken aanvullend een echo van de heupen, zodat eventuele afwijkingen zo vroeg mogelijk aan het licht komen.

Behandeling

Wanneer heupdysplasie vroeg wordt vastgesteld, is de behandeling vaak eenvoudig: met een spalk (bijvoorbeeld een Pavlik-bandage) worden de beentjes een tijd in een gebogen en gespreide stand gehouden, zodat de heupkom zich alsnog goed kan ontwikkelen. Bij deze vroege start is de kans op volledig herstel groot. Wordt de aandoening pas later ontdekt, dan is soms een intensievere behandeling nodig, zoals gips of een operatieve correctie.

 

Kabiz
Sohn
Geschillencommissie Zorg Algemeen
SEMH
Bewegingsvisie
SEMH